Bodidharma
Bodhidharma: de monnik die aan de basis van het Zenboeddhisme staat
Bodhidharma is een van de bekendste figuren uit de geschiedenis van het boeddhisme in China. Hij wordt traditioneel gezien als degene die het boeddhisme van India naar China bracht in de vorm waaruit later Chan ontstond, de Chinese traditie die in Japan bekend werd als Zen.
Tegelijkertijd is Bodhidharma een van de lastigste personen uit de boeddhistische geschiedenis om historisch te reconstrueren. Er bestaan verhalen over een jarenlange meditatie tegenover een muur, een ontmoeting met de Chinese keizer, een leerling die zijn arm afhakte om zijn toewijding te bewijzen en zelfs een verband tussen Bodhidharma en de vechtsporten van het Shaolinklooster. Veel daarvan zijn echter pas later onderdeel geworden van zijn levensverhaal.
Achter de legendarische figuur staat waarschijnlijk wel degelijk een historische boeddhistische monnik. Wat we over hem weten, en vooral wat zijn betekenis is geworden, vertelt veel over het ontstaan van Chan en Zen.
Wie was Bodhidharma?
Bodhidharma was volgens de Chinese bronnen een boeddhistische monnik die vanuit de gebieden ten westen van China naar China kwam. Waar hij precies vandaan kwam, weten we niet met zekerheid. Sommige oude bronnen plaatsen zijn afkomst in India, terwijl andere verwijzen naar Centraal-Azië of de zogenoemde “Westelijke Gebieden”. Ook zijn precieze levensdata zijn onzeker. Moderne onderzoekers plaatsen hem doorgaans ergens in de vijfde of vroege zesde eeuw.
Zijn Chinese naam wordt meestal weergegeven als Pútídámó (菩提達摩), vaak verkort tot Dámó. In het Japans werd dit Bodai Daruma, waaruit de bekende Japanse naam Daruma is ontstaan.
Bodhidharma wordt binnen de Chan-traditie de eerste patriarch van Chan in China genoemd. Volgens de traditionele overlevering was hij bovendien de achtentwintigste patriarch in een lijn die rechtstreeks terugging tot de historische Boeddha, Siddhartha Gautama.
Dat laatste moet echter niet zonder meer als een historisch vaststaand feit worden gezien. De genealogie van Chan werd in de eeuwen na Bodhidharma steeds verder uitgewerkt. Historici zien een groot deel van deze vroege patriarchale geschiedenis als een later opgebouwde traditie die Chan een directe verbinding met de Boeddha moest geven.
Wat weten we historisch gezien over Bodhidharma?
Dat is minder dan je misschien zou verwachten.
Er zijn geen uitgebreide, betrouwbare ooggetuigenverslagen van zijn leven. De informatie over Bodhidharma komt uit verschillende Chinese teksten die in de loop van de zesde en zevende eeuw zijn ontstaan of over hem schreven. Later kwamen daar steeds uitgebreidere biografieën en legendes bij.
Een van de oudste belangrijke bronnen is het werk van Yang Xuanzhi over de boeddhistische kloosters van Luoyang, dat in 547 werd voltooid. Daarnaast is er een tekst van Tanlin uit de zesde eeuw en later een biografische verzameling van Daoxuan uit de zevende eeuw. Deze bronnen vertellen niet allemaal hetzelfde verhaal.
Dat is belangrijk. Het betekent dat we niet simpelweg één biografie van Bodhidharma kunnen pakken en ervan uitgaan dat ieder detail historisch klopt.
Wat redelijk aannemelijk lijkt, is dat er in Noord-China in de zesde eeuw een Indiase of Centraal-Aziatische boeddhistische monnik was die bekendstond om zijn nadruk op meditatie en Mahayana-boeddhisme. Rond deze figuur ontstond vervolgens een steeds uitgebreider verhaal.
Bodhidharma en het ontstaan van Chan
De Chinese vorm van het boeddhisme die later Chan werd genoemd, ontstond niet plotseling doordat één persoon een compleet nieuwe school oprichtte.
Chan ontwikkelde zich vanaf ongeveer de zesde eeuw binnen een bredere Chinese boeddhistische wereld. Meditatie was op dat moment al onderdeel van verschillende boeddhistische tradities in China. Wat Chan uiteindelijk bijzonder maakte, was onder meer de sterke nadruk op directe ervaring, persoonlijke beoefening en het daadwerkelijk realiseren van inzicht, in plaats van alleen het bestuderen van teksten en doctrines.
Bodhidharma werd achteraf het ideale beginpunt van deze ontwikkeling.
De traditionele geschiedenis vertelt dat hij een directe overdracht van inzicht vertegenwoordigde: niet alleen kennis die via boeken en teksten wordt doorgegeven, maar een levende overdracht van leraar op leerling.
Dat idee werd later een belangrijk onderdeel van Chan en Zen.
De bekende uitspraak dat Chan een “speciale overdracht buiten de geschriften” zou zijn, vat deze houding goed samen. Het betekent overigens niet dat Chan alle boeddhistische teksten verwierp. Chanmeesters citeerden juist veelvuldig uit soetra's en andere teksten. Het punt was eerder dat het lezen van teksten op zichzelf niet hetzelfde is als het realiseren van de boeddhistische weg.
De leer van Bodhidharma
Het is moeilijk om met zekerheid te zeggen welke teksten daadwerkelijk door Bodhidharma zelf zijn geschreven.
Een van de belangrijkste teksten die traditioneel met hem wordt verbonden is de Verhandeling over de twee toegangen en de vier beoefeningen (Erru Sixing Lun, 二入四行論).
Ook hier is voorzichtigheid nodig. Er bestaat wetenschappelijke discussie over de vraag of deze tekst werkelijk van Bodhidharma afkomstig is. Onderzoekers hebben bijvoorbeeld gewezen op invloeden uit Chinese boeddhistische en filosofische tradities. De tekst is daarom vooral belangrijk als een zeer vroege weerspiegeling van de traditie die zich rond Bodhidharma vormde, en niet simpelweg als een gegarandeerd woordelijk verslag van zijn eigen onderwijs.
Toch geeft de tekst een goed beeld van het soort boeddhistische praktijk dat met Bodhidharma werd verbonden.
De tekst spreekt over twee toegangen tot de weg:
- de toegang via principe;
- de toegang via beoefening.
De toegang via principe
De eerste toegang draait om inzicht in de ware aard van de werkelijkheid.
In de tekst wordt gesproken over een gemeenschappelijke ware natuur van levende wezens, die wordt bedekt door illusies en verkeerde opvattingen. De beoefenaar moet leren voorbij deze verduisteringen te kijken.
Dit sluit aan bij ideeën over boeddhanatuur die in het Chinese Mahayana-boeddhisme een belangrijke rol kregen. De gedachte is grofweg dat het vermogen tot ontwaken niet iets is dat van buitenaf aan iemand wordt toegevoegd.
Dat betekent niet dat iemand automatisch verlicht is. Het gaat om het verschil tussen het hebben van een bepaalde mogelijkheid of natuur en het daadwerkelijk realiseren daarvan.
De toegang via beoefening
De tweede toegang wordt uitgewerkt in vier praktijken:
- het verdragen van onrecht of tegenslag;
- het aanvaarden van omstandigheden;
- het loslaten van verlangen;
- leven in overeenstemming met de Dharma.
Deze vier praktijken laten een kant van Bodhidharma zien die soms verloren raakt in moderne afbeeldingen van hem als uitsluitend een mysterieuze meditatieleraar.
Zijn leer gaat niet alleen over stilzitten en mediteren. Ze gaat ook over de manier waarop iemand reageert wanneer het leven moeilijk wordt.
Tegenslag wordt bijvoorbeeld niet gezien als een reden om meteen in verzet of wrok te schieten. De beoefenaar probeert te begrijpen hoe ervaringen ontstaan en reageert zonder zich steeds verder vast te zetten in verlangen, afkeer en ego.
Wat betekent “muurmeditatie”?
Een van de bekendste verhalen over Bodhidharma is dat hij jarenlang voor een muur zat te mediteren.
Dit wordt vaak aangeduid als wall-gazing of biguan (壁觀), meestal vertaald als “muurmeditatie” of “muren aanschouwen”.
Er is inderdaad een vroege traditie die Bodhidharma met deze vorm van beoefening verbindt. In vroege bronnen wordt wall-gazing gekoppeld aan het tot rust brengen van de geest en aan het niet langer vastzitten in onderscheidingen zoals zelf en ander, gewoon mens en wijze.
Maar het bekende beeld van een monnik die letterlijk negen jaar lang onbeweeglijk naar een muur zit te kijken, is waarschijnlijk een latere uitwerking van deze traditie.
Dat is een mooi voorbeeld van hoe Bodhidharma door de eeuwen heen veranderde van een historische leraar in een bijna mythische figuur.
Bodhidharma en Huike
Een andere belangrijke persoon in het verhaal is Huike.
Volgens de traditionele Chan-overlevering werd Huike de belangrijkste leerling van Bodhidharma en zijn opvolger als tweede patriarch van Chan in China. De traditionele lijn loopt vervolgens via Huike naar Sengcan, Daoxin, Hongren en uiteindelijk Huineng, die bekendstaat als de zesde patriarch.
Rond Huike ontstond een beroemde legende.
Volgens het verhaal wilde Huike van Bodhidharma onderricht ontvangen, maar Bodhidharma weigerde aanvankelijk. Om zijn vastberadenheid te tonen zou Huike zijn arm hebben afgehakt en die aan Bodhidharma hebben aangeboden.
Dit verhaal is zeer bekend geworden binnen de Chan- en Zenliteratuur. Historisch gezien is het echter niet iets wat we als feit kunnen vaststellen. De verhalen rond Bodhidharma en zijn opvolgingslijn werden in latere eeuwen steeds verder uitgebreid.
De betekenis van het verhaal ligt daarom vooral in wat het binnen de traditie probeert uit te drukken: de buitengewone vastberadenheid van een leerling die bereid is alles op te geven voor het inzicht waarnaar hij zoekt.
Heeft Bodhidharma echt in het Shaolinklooster gewoond?
Bodhidharma wordt sterk verbonden met het Shaolinklooster op de Songberg in China.
Volgens de traditionele overlevering kwam hij daar terecht en bracht hij er lange tijd door met meditatie. Het verhaal van zijn negen jaar durende muurmeditatie wordt meestal met deze plek verbonden.
Historisch ligt het ingewikkelder.
Er zijn oude bronnen die Bodhidharma met de regio en het klooster verbinden, maar de uitgebreide versie van zijn levensverhaal ontstond geleidelijk. De precieze details van zijn verblijf en zijn activiteiten zijn daarom niet met dezelfde zekerheid te reconstrueren als latere tradities soms suggereren.
Dit is ook een goed voorbeeld van het verschil tussen Bodhidharma als historische persoon en Bodhidharma als figuur binnen de Chan-traditie.
Voor Chan en Zen is het verhaal belangrijk, ook wanneer een historicus sommige onderdelen ervan niet kan bevestigen.
Heeft Bodhidharma kungfu uitgevonden?
Waarschijnlijk niet.
Bodhidharma wordt tegenwoordig vaak voorgesteld als de grondlegger van het Shaolinkungfu. Volgens een populair verhaal zou hij lichamelijke oefeningen hebben ontwikkeld omdat monniken tijdens lange meditatiesessies lichamelijk verzwakten.
Er is echter geen betrouwbare vroege bron die dit verhaal ondersteunt.
De koppeling tussen Bodhidharma en Shaolinvechtsporten verschijnt veel later. Een belangrijke bron is een tekst die bekendstaat als de Yijin Jing, een handleiding die in de zeventiende eeuw verscheen en waarin een verbinding met Bodhidharma wordt gelegd. De tekst bevat bovendien historische problemen en anachronismen. De moderne associatie tussen Bodhidharma en Shaolinvechtsporten werd daarna verder versterkt.
Het is dus verstandiger om te zeggen:
Bodhidharma is traditioneel met Shaolin verbonden, maar er is geen goede historische basis voor de bewering dat hij kungfu heeft uitgevonden.
Dat maakt zijn historische betekenis overigens niet kleiner. Zijn rol in de ontwikkeling van Chan staat los van het veel latere verhaal over vechtsporten.
Waarom wordt Bodhidharma gezien als de grondlegger van Zen?
Technisch gezien is het niet helemaal juist om te zeggen dat Bodhidharma het Zenboeddhisme heeft uitgevonden.
Zen is de Japanse vorm van het Chinese Chan. Chan zelf ontstond geleidelijk in China en werd gevormd door meerdere generaties monniken en leraren. Vanaf China verspreidde de traditie zich vervolgens naar andere delen van Oost-Azië, waaronder Korea, Vietnam en Japan.
Bodhidharma werd echter het traditionele beginpunt van deze lijn.
Dat had een belangrijke functie. Door de geschiedenis van Chan terug te voeren op een Indiase monnik die rechtstreeks in een lijn van overdracht van de Boeddha stond, kon Chan zichzelf presenteren als een authentieke voortzetting van de oorspronkelijke boeddhistische wijsheid.
Historisch gezien is die genealogie veel ingewikkelder. Onderzoekers hebben laten zien dat de verhalen over deze lijn zich pas geleidelijk ontwikkelden en in latere eeuwen sterk werden uitgewerkt.
Bodhidharma was dus niet simpelweg “de uitvinder van Zen”. Hij werd het symbolische beginpunt van een traditie die zich over meerdere eeuwen ontwikkelde.
Wat is er zo bijzonder aan zijn benadering?
Een belangrijk element in de aan Bodhidharma verbonden teksten is de nadruk op directe realisatie.
Boeddhistische kennis is volgens deze benadering niet alleen iets wat je kunt verzamelen door steeds meer teksten te lezen. Je kunt honderden dingen over boeddhisme weten en toch dezelfde patronen van verlangen, afkeer en onwetendheid blijven volgen.
Daarom draait de beoefening om een verandering in de manier waarop je de werkelijkheid ervaart en erop reageert.
Dit werd later een van de kenmerkende eigenschappen van Chan. De traditie benadrukte persoonlijke ontmoeting tussen leraar en leerling, directe ervaring en het daadwerkelijk belichamen van inzicht.
Dat betekent overigens niet dat studie nutteloos is. De geschiedenis van Chan zit juist vol met teksten, commentaren, soetra's en discussies. Het onderscheid ligt eerder tussen over iets kunnen praten en het daadwerkelijk realiseren en leven.
Bodhidharma en de boeddhanatuur
De aan Bodhidharma verbonden traditie spreekt over een gemeenschappelijke “ware natuur” van levende wezens. Dit sluit aan bij het bredere Mahayana-idee van boeddhanatuur (foxing).
Boeddhanatuur is een lastig begrip, omdat verschillende Mahayana-tradities het verschillend interpreteren. Het moet niet automatisch worden opgevat als een soort onsterfelijke ziel die ieder mens bezit. Dat zou botsen met het boeddhistische inzicht van anatta, het ontbreken van een blijvend, onafhankelijk zelf.
Binnen het Chinese boeddhisme ontwikkelden zich verschillende manieren om over boeddhanatuur te spreken. Bij Bodhidharma ligt de nadruk vooral op het doorzien van de verduisteringen die verhinderen dat deze ware natuur wordt herkend.
Dat maakt zijn benadering minder een zoektocht naar iets nieuws en meer een proces van het doorzien van wat je eigen waarneming vertroebelt.
Een minder bekende kant van Bodhidharma
Een interessant detail is dat Bodhidharma niet alleen als meditatieleraar werd gezien.
De vroege teksten die aan hem verbonden zijn, leggen ook veel nadruk op hoe iemand met omstandigheden omgaat.
Dat is opvallend omdat Bodhidharma in de populaire voorstelling vooral wordt afgebeeld als een zwijgende monnik die urenlang mediteert.
In de Twee toegangen en vier beoefeningen ligt echter een belangrijk deel van de nadruk op het dagelijks leven. Wat doe je wanneer iemand je onrecht aandoet? Wat gebeurt er wanneer je geluk, rijkdom of aanzien krijgt? Kun je iets ontvangen zonder er onmiddellijk aan vast te grijpen? Kun je lijden verdragen zonder er nog meer mentale strijd aan toe te voegen?
Daarmee komt Bodhidharma's benadering dicht bij een klassiek boeddhistisch thema: bevrijding gaat niet alleen over wat je tijdens meditatie ervaart, maar ook over hoe je reageert op de omstandigheden van het leven.
De historische Bodhidharma en de legendarische Bodhidharma
Het is uiteindelijk handig om twee versies van Bodhidharma uit elkaar te houden.
De historische Bodhidharma was waarschijnlijk een buitenlandse boeddhistische monnik die in het China van de vijfde of zesde eeuw actief was en die verbonden werd met meditatie en Mahayana-boeddhisme. Over zijn precieze leven weten we maar weinig.
De Bodhidharma van de Chan- en Zenoverlevering is veel groter geworden. Hij werd de eerste patriarch van Chan, de leraar van Huike, de monnik die jarenlang tegenover een muur mediteerde, de bewoner van Shaolin en uiteindelijk zelfs de grondlegger van kungfu.
Die tweede Bodhidharma is historisch gezien niet simpelweg een verslag van de eerste. Het is een religieuze en culturele figuur die in de loop van eeuwen steeds verder werd gevormd. Wetenschappers spreken daarom vaak over een samengestelde of legendarische Bodhidharma.
Dat betekent niet dat de verhalen waardeloos zijn. Ze laten juist zien welke eigenschappen Chan en Zen belangrijk vonden: vastberadenheid, directe ervaring, meditatie, discipline, inzicht en een leven waarin boeddhistische wijsheid niet alleen wordt bestudeerd maar ook daadwerkelijk wordt geleefd.
Waarom is Bodhidharma vandaag nog belangrijk?
Bodhidharma heeft een enorme invloed gehad op de manier waarop Chan en Zen zichzelf zijn gaan begrijpen.
Zijn naam werd verbonden met de gedachte dat boeddhistische beoefening uiteindelijk niet draait om het verzamelen van kennis. Teksten kunnen richting geven, een leraar kan aanwijzingen geven en meditatie kan helpen, maar inzicht moet uiteindelijk in het eigen leven worden gerealiseerd.
Dat idee werd in de eeuwen na Bodhidharma steeds verder ontwikkeld door Chinese Chanmeesters en later door Koreaanse, Vietnamese en Japanse tradities.
Daarom is Bodhidharma meer dan alleen een historische monnik. Hij is een soort symbool geworden voor een bepaalde manier van boeddhisme: direct, praktisch en sterk gericht op persoonlijke beoefening.
Tegelijkertijd helpt juist de historische onzekerheid om zijn verhaal beter te begrijpen. Niet ieder verhaal over Bodhidharma vertelt wat hij daadwerkelijk heeft gedaan. Sommige verhalen vertellen vooral wat latere boeddhisten belangrijk vonden dat hij vertegenwoordigde.
Veelgestelde vragen over Bodhidharma
Was Bodhidharma een Indiër?
Dat weten we niet met zekerheid. Sommige traditionele bronnen beschrijven hem als afkomstig uit Zuid-India, terwijl andere vroege bronnen spreken over iemand uit de “Westelijke Gebieden”, een brede aanduiding voor gebieden ten westen van China. Daarom is “Indiase monnik” een gebruikelijke, maar niet volledig zekere beschrijving.
Heeft Bodhidharma Zen opgericht?
Niet in de moderne betekenis van het woord. Hij wordt traditioneel gezien als de eerste patriarch van het Chinese Chan, waaruit later onder andere het Japanse Zen ontstond. Chan was echter het resultaat van een langere ontwikkeling en werd door veel verschillende leraren gevormd.
Heeft Bodhidharma negen jaar gemediteerd?
De traditie vertelt dat hij negen jaar tegenover een muur mediteerde. Dat verhaal is zeer bekend, maar de precieze historische details kunnen niet met zekerheid worden vastgesteld. Het idee van wall-gazing is wel al in vroege bronnen met Bodhidharma verbonden.
Heeft Bodhidharma Shaolinkungfu uitgevonden?
Daarvoor is geen betrouwbare historische basis. De verbinding tussen Bodhidharma en de Shaolinvechtsporten is vooral gebaseerd op veel latere bronnen en legendes.
Was Bodhidharma de leraar van Huike?
Volgens de traditionele Chan-overlevering wel. Huike wordt gezien als Bodhidharma's belangrijkste opvolger en de tweede patriarch van Chan in China. Historisch zijn de details van hun relatie moeilijk volledig vast te stellen.
Heeft Bodhidharma zelf teksten geschreven?
Dat is onzeker. De Twee toegangen en vier beoefeningen wordt traditioneel aan hem toegeschreven en behoort tot de belangrijkste vroege teksten die met zijn naam verbonden zijn. Maar de precieze herkomst en auteurschap ervan zijn onderwerp van wetenschappelijk debat.
Bodhidharma in het kort
Bodhidharma was waarschijnlijk een boeddhistische monnik uit India of Centraal-Azië die in het China van de vijfde of zesde eeuw actief was. Hij werd later de eerste patriarch van Chan en daarmee een voorouder van het Zenboeddhisme.
Zijn historische leven blijft grotendeels in nevelen gehuld. Juist daardoor ontstond een rijke traditie van verhalen waarin hij uitgroeide tot een van de meest herkenbare figuren van het Aziatische boeddhisme.
De belangrijkste boodschap die met hem wordt verbonden is uiteindelijk vrij eenvoudig: boeddhistische beoefening gaat niet alleen om weten wat de leer zegt. Het gaat om het rechtstreeks onderzoeken van je eigen geest en om de manier waarop je met verlangen, tegenslag en de omstandigheden van het leven omgaat.
Dat is waarschijnlijk ook waarom Bodhidharma, ruim anderhalf millennium na zijn vermoedelijke leven, nog steeds zo'n belangrijke plaats inneemt binnen Chan en Zen.