Pema Chödrön
Pema Chödrön: wie is deze boeddhistische leraar en wat leert zij?
Pema Chödrön is een van de bekendste boeddhistische leraren uit het Westen. Ze werd geboren als Deirdre Blomfield-Brown in 1936 in New York en werd op latere leeftijd boeddhistisch non. Met haar boeken en onderricht heeft ze vooral bekendheid gekregen door haar manier van spreken over moeilijke onderwerpen als angst, onzekerheid, verlies, pijn en verandering.
Haar benadering is opvallend praktisch. Ze probeert problemen niet weg te nemen met een geruststellend verhaal, maar nodigt mensen juist uit om te leren aanwezig te blijven wanneer het leven ongemakkelijk wordt. Daarbij put ze uit het Tibetaans boeddhisme, onder meer uit de tradities van lojong, bodhicitta en tonglen.
Pema Chödrön is daarmee interessant voor zowel mensen die weinig van het boeddhisme weten als voor mensen die zich verder in de boeddhistische beoefening willen verdiepen.
Wie is Pema Chödrön?
Pema Chödrön werd op 14 juli 1936 geboren als Deirdre Blomfield-Brown. Ze studeerde aan de University of California, Berkeley en werkte jarenlang als basisschoolleraar in New Mexico en Californië. Ze was al in de dertig toen haar leven een andere richting begon te krijgen.
Tijdens een reis naar de Franse Alpen ontmoette ze Lama Chime Rinpoche, een Tibetaanse boeddhistische leraar. Ze studeerde enkele jaren bij hem en werd in 1974 novice-non. In dezelfde periode kwam ze in contact met Chögyam Trungpa Rinpoche, die uiteindelijk haar belangrijkste leraar zou worden. Ze studeerde bij Trungpa van 1974 tot aan zijn overlijden in 1987.
Haar boeddhistische naam is Pema Chödrön. Pema is het Tibetaanse woord voor lotus en Chödrön wordt doorgaans vertaald als iets als “licht van de Dharma” of “licht van de waarheid”.
In 1981 ontving ze volledige bhikshuni-ordinatie in Hongkong binnen de Chinese lijn van de monastieke traditie. Dat detail is interessant, omdat Pema Chödrön zelf vooral bekend is geworden als leraar binnen het Tibetaanse boeddhisme. Haar monastieke ordinatie en haar latere Tibetaanse opleiding komen dus uit verschillende, maar historisch met elkaar verbonden lijnen van het boeddhisme.
Wat heeft Pema Chödrön met het Tibetaans boeddhisme te maken?
Pema Chödrön is geen vertegenwoordiger van het boeddhisme in het algemeen. Haar onderricht is sterk geworteld in het Tibetaans boeddhisme, en in het bijzonder in de Kagyu-, Nyingma- en Shambhala-werelden waarmee haar leraren en haar kloostergemeenschap verbonden zijn.
Dat is belangrijk om te weten wanneer je haar boeken leest. Sommige ideeën die Pema Chödrön uitlegt klinken heel algemeen — bijvoorbeeld dat we moeten leren omgaan met onzekerheid of vriendelijker met onszelf moeten omgaan. De achterliggende ideeën komen echter uit een veel oudere boeddhistische traditie.
Gampo Abbey, het klooster waarmee zij het grootste deel van haar loopbaan verbonden is geweest, beschrijft zichzelf tegenwoordig als geworteld in drie lijnen: Kagyu, Nyingma en Shambhala. Het klooster werd in 1984 opgericht vanuit de visie van Chögyam Trungpa Rinpoche en was bedoeld als plek voor westers boeddhistisch monnikenleven.
Pema Chödrön was vanaf 1984 de eerste directeur van Gampo Abbey. In 2025 werd ze, na het overlijden van de eerste abt Khenchen Thrangu Rinpoche, benoemd tot abdis van het klooster.
In 2026 is ze 90 jaar oud en geeft ze nog steeds onderricht, al heeft ze aangegeven zich liever meer terug te trekken voor retraite.
Waar staat Pema Chödrön vooral om bekend?
Wie Pema Chödrön voor het eerst tegenkomt, komt waarschijnlijk al snel uit bij een paar terugkerende thema's:
- omgaan met pijn en moeilijke omstandigheden;
- leren leven met onzekerheid;
- niet automatisch vluchten voor ongemak;
- compassie ontwikkelen;
- vriendelijker leren omgaan met jezelf;
- meditatie;
- maitri, vaak vertaald als liefdevolle vriendelijkheid;
- bodhicitta, de gerichtheid op ontwaken ten bate van anderen;
- tonglen, een Tibetaanse meditatie van geven en ontvangen;
- lojong, de beoefening van het trainen van de geest.
Deze onderwerpen zijn geen losse zelfhulptechnieken. Ze hangen samen met een veel groter boeddhistisch idee: lijden ontstaat niet alleen door wat ons overkomt, maar ook door de manier waarop we ons aan ervaringen vastklampen, ze afwijzen of proberen te controleren.
Dat sluit aan bij een van de centrale inzichten van het boeddhisme: alles wat ontstaat is veranderlijk. In de vroege boeddhistische leer wordt dit onder meer uitgedrukt met anicca, vergankelijkheid, en verbonden met dukkha, onbevredigdheid of lijden, en anatta, het ontbreken van een blijvend, onafhankelijk zelf.
Pema Chödrön vertaalt zulke ideeën vaak naar situaties die mensen in hun dagelijks leven herkennen.
Waarom spreekt Pema Chödrön zoveel over moeilijke momenten?
Een belangrijk uitgangspunt in haar onderricht is dat we vaak proberen weg te komen van wat we niet prettig vinden.
We voelen angst en willen dat de angst verdwijnt. We ervaren verdriet en willen ons beter voelen. We worden onzeker en proberen zekerheid te vinden. We worden boos en zoeken iemand die volgens ons de oorzaak van onze boosheid is.
Volgens Pema Chödrön kan juist die automatische beweging een belangrijk onderdeel van onze beoefening worden.
Dat betekent niet dat je pijn moet opzoeken of dat je slechte situaties moet accepteren zonder iets te doen. Het gaat eerder om de vraag wat er gebeurt wanneer je niet onmiddellijk probeert je ervaring weg te duwen.
In haar uitleg van maitri gaat het bijvoorbeeld om leren aanwezig te blijven bij wat zich voordoet, zonder jezelf voortdurend te veroordelen. Ze benadrukt dat vriendelijkheid tegenover jezelf niet hetzelfde is als jezelf altijd geven wat je prettig vindt. Soms kan iets aangenaam lijken, terwijl het in werkelijkheid een manier is om iets moeilijks te vermijden.
Daarmee krijgt “goed voor jezelf zorgen” in haar onderricht een andere betekenis dan alleen jezelf verwennen.
Wat betekent maitri bij Pema Chödrön?
Maitri is een Sanskriet woord dat vaak wordt vertaald als liefdevolle vriendelijkheid, welwillendheid of vriendelijkheid.
Bij Pema Chödrön speelt het een grote rol.
Het idee is niet dat je eerst een perfecte versie van jezelf moet worden voordat je jezelf kunt accepteren. Juist de momenten waarop je jezelf moeilijk vindt, kunnen onderdeel van de beoefening zijn.
Je merkt bijvoorbeeld dat je jaloers bent. Of onzeker. Of boos. Of teleurgesteld in jezelf.
De automatische reactie kan zijn:
“Ik zou zo niet moeten zijn.”
Pema Chödrön draait die beweging om. In plaats van jezelf onmiddellijk te veroordelen, kun je leren om te kijken naar wat er werkelijk gebeurt. Dat vraagt niet om goedkeuring van iedere gedachte of emotie. Het betekent simpelweg dat je niet nog een extra laag van afwijzing hoeft toe te voegen.
In die zin is maitri nauw verbonden met meditatie. Tijdens het mediteren merk je steeds opnieuw dat je aandacht afdwaalt. De oefening bestaat dan niet uit jezelf daarvoor afstraffen, maar uit het herkennen van wat er gebeurt en opnieuw beginnen.
Dat eenvoudige patroon — opmerken, niet veroordelen en opnieuw beginnen — vormt een belangrijk onderdeel van Pema Chödröns manier van lesgeven.
Wat is tonglen?
Een andere praktijk die sterk met Pema Chödrön wordt geassocieerd is tonglen.
Tòng betekent in het Tibetaans grofweg “zenden” of “loslaten”, terwijl len betrekking heeft op “ontvangen” of “nemen”. Bij de klassieke oefening wordt de ademhaling gebruikt als onderdeel van een visualisatie waarbij de beoefenaar het lijden van anderen als het ware inademt en verlichting, ruimte of welzijn uitademt.
Op het eerste gezicht klinkt dat misschien vreemd. Waarom zou je bewust het lijden van anderen inademen?
Juist daarin zit de bedoeling van de oefening. We zijn vaak geneigd om alles wat onaangenaam is van ons af te houden. Tonglen draait die gewoonte om.
Pema Chödrön beschrijft de praktijk daarom niet als een magische manier om letterlijk het lijden van een ander over te nemen. Het is een training in openheid en mededogen. Je gebruikt je eigen ervaring van pijn, angst of verdriet als ingang om te herkennen dat andere mensen diezelfde emoties kennen.
Een eenvoudige vorm kan bijvoorbeeld zijn dat je aan iemand denkt die verdriet heeft. Bij het inademen richt je je bewust op het verdriet en de pijn die er zijn. Bij het uitademen wens je die persoon ruimte, verlichting of welzijn toe.
Het doel is niet om negatieve gevoelens weg te krijgen, maar om de automatische reflex van “dit wil ik niet voelen” minder dominant te maken.
Wat heeft lojong met Pema Chödrön te maken?
Een groot deel van Pema Chödröns onderricht komt voort uit lojong, Tibetaans voor “geesttraining” of “training van de geest”.
Lojong bestaat uit een verzameling oefeningen en spreuken die bedoeld zijn om de manier waarop iemand naar zichzelf, anderen en moeilijke omstandigheden kijkt te veranderen.
Een belangrijk onderdeel daarvan is het ontwikkelen van bodhicitta. Dat begrip verwijst in het Mahayana-boeddhisme naar de wens en gerichtheid om verlichting te bereiken ten bate van alle levende wezens.
Daarmee verschuift het zwaartepunt van de beoefening.
Het gaat niet alleen om:
“Hoe kan ik mij beter voelen?”
maar steeds meer om:
“Hoe kan ik leren omgaan met mijn eigen ervaring op een manier die ook mijn verhouding tot andere mensen verandert?”
Pema Chödrön gebruikt hiervoor vaak heel gewone situaties. Een ruzie, een teleurstelling, irritatie of onzekerheid kan volgens haar juist materiaal worden voor de beoefening. Een onverwachte situatie kan je bijvoorbeeld uit je vaste denkpatroon halen. In plaats van onmiddellijk terug te vallen op oude reacties, kun je dat moment gebruiken om bewuster te reageren.
Pema Chödrön en het idee van onzekerheid
Een van haar meest kenmerkende thema's is leren leven met onzekerheid.
Dat klinkt misschien als een moderne psychologische boodschap, maar bij Pema Chödrön zit er een duidelijk boeddhistische gedachte achter.
Volgens het boeddhisme is verandering geen fout in de werkelijkheid die opgelost moet worden. Verandering is juist een kenmerk van geconditioneerd bestaan. Alles wat ontstaat, verandert ook weer.
Ons probleem ontstaat wanneer we zekerheid proberen te halen uit dingen die van nature onzeker zijn.
Een relatie kan veranderen. Een lichaam wordt ouder. Werk kan verdwijnen. Mensen van wie we houden kunnen overlijden. Onze stemming verandert. Zelfs onze eigen overtuigingen kunnen in de loop van de tijd veranderen.
Pema Chödrön moedigt mensen daarom aan om niet te wachten totdat het leven volledig stabiel is voordat ze zich veilig voelen.
Dat is een subtiel verschil. Het gaat niet om passief berusten in alles wat gebeurt. Het gaat om het ontwikkelen van een houding waarin onzekerheid niet automatisch betekent dat er iets mis is.
Wat is “groundlessness” bij Pema Chödrön?
In haar onderricht gebruikt Pema Chödrön regelmatig het begrip groundlessness, dat je zou kunnen vertalen als “grondeloosheid” of het ontbreken van een vaste bodem.
Daarmee bedoelt ze een ervaring die veel mensen kennen, maar waar ze meestal snel vanaf proberen te komen: het moment waarop je niet precies weet wat er gaat gebeuren en je gebruikelijke houvast niet meer werkt.
Een scheiding kan zo'n moment veroorzaken. Een ontslag. Een overlijden. Maar ook iets veel kleiners, zoals niet weten wat iemand van je vindt.
We willen dan vaak zo snel mogelijk een nieuw verhaal maken waarmee de onzekerheid weer beheersbaar wordt.
Pema Chödrön ziet juist het verblijf in die tussenruimte als een belangrijke oefening. In plaats van onmiddellijk een conclusie te trekken, kun je leren om even niet te weten.
Dat idee komt voort uit haar opleiding bij Chögyam Trungpa Rinpoche. In een interview vertelde ze hoe sterk Trungpa's benadering haar aansprak: niet proberen een ongemakkelijke, onzekere ervaring onmiddellijk te vervangen door iets prettigers, maar leren rusten in de openheid ervan.
Dit is een van de redenen waarom haar boeken voor veel mensen toegankelijk voelen. Ze schrijft niet alleen over boeddhistische theorie, maar over situaties waarin mensen zichzelf daadwerkelijk tegenkomen.
Welke boeken van Pema Chödrön zijn het bekendst?
Pema Chödrön heeft veel boeken en verzamelde onderwijsteksten gepubliceerd. Een aantal titels is bijzonder bekend geworden.
When Things Fall Apart
When Things Fall Apart: Heart Advice for Difficult Times is waarschijnlijk haar bekendste boek.
Het verscheen oorspronkelijk in de jaren negentig en werd een van de meest succesvolle boeken van Shambhala Publications. Het boek gaat over wat er gebeurt wanneer het leven niet meer voldoet aan onze verwachtingen en we geconfronteerd worden met angst, verdriet en onzekerheid.
De kern is niet dat je moet leren om nooit meer pijn te voelen. Het gaat eerder om de mogelijkheid om pijn niet automatisch als iets te beschouwen waarvoor je moet vluchten.
The Places That Scare You
In The Places That Scare You werkt Pema Chödrön verder rond angst, compassie en bodhicitta.
De titel verwijst niet alleen naar fysieke plaatsen. Het gaat ook om de innerlijke gebieden waar we liever niet komen: onzekerheid, schaamte, verdriet, boosheid en kwetsbaarheid.
Start Where You Are
Start Where You Are richt zich sterk op geesttraining en lojong.
De titel vat eigenlijk een belangrijk deel van haar benadering samen: je hoeft niet eerst een ideale boeddhist te worden om te beginnen. De situatie waarin je nu zit — inclusief je gewoontes, moeilijkheden en verwarring — is het materiaal waarmee je werkt.
No Time to Lose
In No Time to Lose richt Pema Chödrön zich op de Bodhicaryavatara, het beroemde werk van de Indiase boeddhistische filosoof Shantideva.
Daarmee gaat ze een stuk dieper de klassieke Mahayana-literatuur in. Het boek laat goed zien dat haar onderricht niet alleen bestaat uit moderne levenslessen, maar stevig verbonden is met oudere boeddhistische teksten.
How We Live Is How We Die
Ook de relatie tussen leven en sterven komt in haar werk terug. De titel verwijst naar het idee dat onze manier van omgaan met onzekerheid, gehechtheid en verandering tijdens het leven ook relevant is wanneer we met de dood worden geconfronteerd.
Is Pema Chödrön een boeddhist of een spirituele zelfhulpcoach?
Pema Chödrön wordt soms in dezelfde hoek geplaatst als moderne auteurs over persoonlijke groei. Dat is begrijpelijk, omdat haar taal relatief toegankelijk is en haar boeken veel praktische adviezen bevatten.
Toch is dat maar een deel van het verhaal.
Haar werk komt voort uit een specifieke boeddhistische traditie. Begrippen als bodhicitta, tonglen, lojong, maitri en meditatie hebben een religieuze en filosofische achtergrond die veel ouder is dan de moderne zelfhulpindustrie.
Daarom kan het misleidend zijn om haar werk simpelweg te omschrijven als “mindfulness voor moeilijke tijden”.
Het verschil zit onder meer in het doel. In een moderne zelfhulpbenadering kan het doel bijvoorbeeld zijn om je beter te voelen, stress te verminderen of beter te functioneren. In de boeddhistische context gaat het uiteindelijk om een veel fundamentelere verandering in de manier waarop iemand zichzelf en de werkelijkheid begrijpt.
Bij Pema Chödrön lopen die twee niveaus regelmatig door elkaar. Haar uitleg kan praktisch en alledaags zijn, terwijl de achterliggende ideeën afkomstig zijn uit de Mahayana- en Vajrayana-tradities.
Is Pema Chödrön een zenboeddhist?
Nee. Pema Chödrön is geen zenleraar.
Haar opleiding ligt in het Tibetaans boeddhisme. Ze werd sterk beïnvloed door Chögyam Trungpa Rinpoche en haar werk is verbonden met de Kagyu-, Nyingma- en Shambhala-tradities.
Dat betekent overigens niet dat iemand uit een zen-, Theravada- of andere boeddhistische traditie niets aan haar werk kan hebben. Pema Chödrön zelf heeft zich juist ook gericht op westerse boeddhisten uit verschillende tradities.
Maar wanneer je wilt begrijpen waar haar ideeën vandaan komen, is het beter om ze in de context van het Tibetaans boeddhisme te plaatsen.
Wat is de relatie tussen Pema Chödrön en Chögyam Trungpa?
Chögyam Trungpa Rinpoche was de belangrijkste leraar van Pema Chödrön.
Trungpa was een Tibetaanse boeddhistische leraar die een grote rol speelde bij de verspreiding van het Tibetaans boeddhisme in het Westen. Pema Chödrön ontmoette hem in 1972 en studeerde vanaf 1974 intensief bij hem tot aan zijn overlijden in 1987.
Veel thema's die kenmerkend zijn voor Pema Chödröns onderricht — zoals het niet wegvluchten van onzekerheid, het doorbreken van vaste denkpatronen en het rechtstreeks werken met onze reacties — zijn sterk verbonden met Trungpa's manier van onderwijzen.
Tegelijkertijd is Pema Chödrön niet simpelweg een herverteller van zijn werk. Ze heeft zelf een grote rol gespeeld bij het toegankelijk maken van deze ideeën voor een westers publiek.
Pema Chödrön en de Shambhala-gemeenschap
Pema Chödrön was jarenlang een van de bekendste leraren binnen de Shambhala-gemeenschap.
Dat onderdeel van haar geschiedenis verdient enige nuance.
In 2020 stapte ze terug als acharya, een senior lerarenfunctie binnen Shambhala. Dat gebeurde nadat Sakyong Mipham Rinpoche, de toenmalige leider van Shambhala, had aangekondigd zijn onderricht te hervatten na beschuldigingen van seksueel misbruik. Pema Chödrön was kritisch over de manier waarop hiermee werd omgegaan en zei dat ze zich niet langer als vertegenwoordiger en senior teacher van Shambhala kon blijven opstellen.
Dit betekende niet dat ze stopte met het geven van boeddhistisch onderricht. De verduidelijking van haar uitgever was destijds dat haar besluit betrekking had op haar functie als acharya, niet op het volledig stoppen met lesgeven.
Dit onderscheid is belangrijk. Pema Chödröns huidige positie als abdis en leraar van Gampo Abbey moet niet simpelweg gelijkgesteld worden aan een officiële leidersfunctie binnen Shambhala.
Wat kunnen we leren van Pema Chödrön?
De waarde van Pema Chödrön ligt niet alleen in een aantal mooie uitspraken of praktische meditatietips.
Haar belangrijkste bijdrage is misschien wel dat ze bepaalde moeilijke boeddhistische ideeën begrijpelijk maakt zonder ze volledig los te koppelen van de beoefening.
Een voorbeeld is het idee dat ongemak niet automatisch een probleem is dat opgelost moet worden.
Dat klinkt eenvoudig, maar het verandert de manier waarop je naar je eigen ervaring kijkt.
Wanneer iemand kritiek op je heeft, kun je bijvoorbeeld onmiddellijk verdedigen waarom die persoon ongelijk heeft. Je kunt ook eerst opmerken wat er gebeurt: spanning in het lichaam, boosheid, schaamte, de behoefte om jezelf te beschermen.
Dat betekent niet dat de kritiek daarom terecht is.
Het betekent alleen dat je probeert de eerste automatische reactie niet meteen het hele verhaal te laten bepalen.
Precies daar raakt Pema Chödrön aan een bredere boeddhistische gedachte: vrijheid ontstaat niet doordat alles om ons heen precies gaat zoals we willen, maar doordat onze verhouding tot wat er gebeurt verandert.
Een belangrijk misverstand: Pema Chödrön zegt niet dat je alles maar moet accepteren
Omdat Pema Chödrön veel spreekt over openheid, compassie en het niet wegduwen van moeilijke ervaringen, kan haar werk verkeerd worden begrepen als een oproep om alles maar te verdragen.
Dat is niet hetzelfde.
Boeddhistische beoefening betekent niet dat schadelijk gedrag goed wordt omdat je er “open” voor probeert te staan.
Sterker nog, boeddhistische tradities leggen juist veel nadruk op ethisch handelen en het verminderen van schade.
Ook in de context van de problemen binnen Shambhala is dat zichtbaar. Pema Chödrön trok zich juist terug uit haar seniorfunctie omdat ze vond dat de reactie op ernstig schadelijk gedrag niet overeenkwam met de zorg en verantwoordelijkheid die nodig waren.
Compassie betekent dus niet dat grenzen verdwijnen.
Je kunt iemand begrijpen en tegelijkertijd afstand houden. Je kunt mededogen voelen en toch zeggen dat bepaald gedrag niet acceptabel is.
Waarom is Pema Chödrön populair buiten het boeddhisme?
Een belangrijke reden is haar taal.
Veel traditionele boeddhistische teksten beginnen met filosofische begrippen die voor een moderne lezer behoorlijk ver van het dagelijks leven kunnen staan. Pema Chödrön begint juist vaak bij ervaringen die bijna iedereen kent.
Angst.
Verdriet.
Eenzaamheid.
Irritatie.
Een relatie die eindigt.
Niet weten wat er gaat gebeuren.
De neiging om jezelf voortdurend te beoordelen.
Van daaruit brengt ze de lezer terug naar boeddhistische begrippen als vergankelijkheid, gehechtheid, compassie en geesttraining.
Dat verklaart ook waarom haar werk door veel mensen wordt gelezen die zichzelf niet noodzakelijk als boeddhist beschouwen.
Toch is het goed om haar werk niet volledig uit die religieuze context te halen. Wie alleen de moderne levenslessen overhoudt, mist een deel van waar haar onderricht uiteindelijk over gaat: het verminderen van gehechtheid en zelfgerichtheid en het ontwikkelen van wijsheid en mededogen.
Hoe kun je beginnen met Pema Chödrön?
Wie nog nooit iets van Pema Chödrön heeft gelezen, kan goed beginnen met When Things Fall Apart. Dat boek geeft een duidelijke indruk van haar manier van schrijven en van de manier waarop zij boeddhistische ideeën koppelt aan moeilijke ervaringen.
Wie daarna verder wil, kan The Places That Scare You lezen voor een verdere kennismaking met compassie en bodhicitta. Start Where You Are is vooral interessant als je meer wilt weten over lojong en geesttraining. Voor een duidelijkere kennismaking met de klassieke Mahayana-achtergrond van haar onderricht is No Time to Lose een logische volgende stap.
Het kan daarbij helpen om haar boeken niet alleen te lezen als verzameling levensadviezen. Probeer tijdens het lezen te letten op de boeddhistische begrippen waar haar uitleg steeds naar terugkeert.
Dan wordt duidelijker dat haar boodschap niet alleen is: “leer beter omgaan met moeilijke dingen”.
De diepere vraag is: wat gebeurt er met onze manier van lijden wanneer we ophouden voortdurend vast te houden aan hoe we vinden dat het leven zou moeten zijn?
Pema Chödrön in het grotere geheel van het boeddhisme
Pema Chödrön heeft het boeddhisme niet opnieuw uitgevonden. De ideeën die ze onderwijst hebben een veel langere geschiedenis.
Maitri, bodhicitta, tonglen en lojong komen voort uit boeddhistische tradities die eeuwen ouder zijn dan haar eigen leven. Ook haar nadruk op vergankelijkheid, lijden, gehechtheid en het loslaten van een vast beeld van het zelf staat in een veel grotere boeddhistische traditie.
Haar bijzondere rol ligt vooral in de manier waarop ze deze ideeën toegankelijk heeft gemaakt voor een modern westers publiek.
Ze verbindt klassieke boeddhistische beoefening met vragen die mensen vandaag nog steeds bezighouden. Wat doe je wanneer je leven niet loopt zoals je had gehoopt? Hoe ga je om met verlies? Kun je aanwezig blijven wanneer je niet weet wat er gaat gebeuren? En kun je leren om jezelf en andere mensen met meer mededogen te bekijken?
Daarom is Pema Chödrön voor veel lezers een eerste kennismaking met het boeddhisme, maar voor anderen juist een ingang naar een veel diepere studie van de Mahayana- en Tibetaanse boeddhistische tradities.
Haar belangrijkste boodschap is uiteindelijk niet dat moeilijke momenten verdwijnen. Het is eerder dat juist in die momenten zichtbaar wordt hoe we met de werkelijkheid omgaan — en dat die manier van omgaan zelf veranderd kan worden.