Dharmawiel
Het Dharmawiel: betekenis, oorsprong en symboliek van het boeddhistische wiel
Het wiel is een van de bekendste symbolen van het boeddhisme. Je ziet het op tempels, vlaggen, beelden, schilderingen en moderne afbeeldingen van het boeddhisme. Vaak wordt het afgebeeld als een wiel met acht spaken. In het Sanskriet heet het dharmachakra en in het Pali dhammacakka: het wiel van de Dharma.
Maar waarom juist een wiel? En waarom heeft het vaak acht spaken?
De betekenis gaat terug naar een van de belangrijkste momenten in het leven van de Boeddha: zijn eerste onderricht in het hertenpark van Isipatana, bij het huidige Sarnath in India. In de vroege boeddhistische teksten wordt dit beschreven als het “in beweging zetten van het Wiel van de Dharma”. Het wiel werd daarmee een beeld voor de leer van de Boeddha en voor het verspreiden daarvan.
Tegelijkertijd is de betekenis van het Dharmawiel uitgebreider dan alleen de Achtvoudige Weg. De geschiedenis van het symbool laat zien dat het wiel verschillende betekenislagen heeft gekregen en dat niet iedere afbeelding met een wiel precies hetzelfde wil zeggen.
Wat is het Dharmawiel?
Het Dharmawiel is een wiel dat de Dharma, de leer van de Boeddha, symboliseert.
Het woord dharma is lastig met één Nederlands woord te vertalen. In een boeddhistische context kan het onder meer verwijzen naar de leer van de Boeddha, de werkelijkheid zoals die wordt begrepen binnen die leer en de weg die naar bevrijding leidt. In het Pali wordt dhamma gebruikt.
Chakra betekent in het Sanskriet “wiel”. Het woord komt ook buiten het boeddhisme voor en had in het oude India al verschillende betekenissen.
Binnen het boeddhisme werd het wiel verbonden met het onderricht van de Boeddha. Zijn leer moest niet alleen worden begrepen, maar ook worden doorgegeven en in praktijk worden gebracht. Daarom is het beeld van een wiel dat in beweging wordt gezet zo passend.
Het Dharmawiel staat dus niet simpelweg voor “boeddhisme” als religieus label. Het verwijst in de eerste plaats naar de leer en het onderricht van de Boeddha.
Waarom wordt het de “Dharmawiel” of het “Wiel van de Dharma” genoemd?
In het boeddhisme bestaat een oude uitdrukking: het in beweging zetten van het Dharmawiel.
Die uitdrukking komt bijzonder duidelijk naar voren in de Dhammacakkappavattana Sutta, de tekst die het eerste onderricht van de Boeddha beschrijft. Volgens deze tekst verbleef de Boeddha na zijn ontwaken in het hertenpark van Isipatana, bij Varanasi. Daar onderwees hij vijf voormalige metgezellen.
Hij sprak daar onder andere over twee uitersten die moeten worden vermeden: enerzijds het najagen van zintuiglijk genot en anderzijds extreme zelfkwelling. Daartegenover stelde hij de Middenweg. Vervolgens identificeerde hij die Middenweg met de Nobele Achtvoudige Weg.
In dezelfde tekst wordt beschreven dat het Dharmawiel door de Boeddha in beweging werd gezet en dat dit niet meer kon worden teruggedraaid. Het is een beeld voor het feit dat de Dharma nu in de wereld was onderwezen en verder kon worden doorgegeven.
Het “draaien” of “in beweging zetten” van het wiel moet je daarom niet letterlijk begrijpen. Het gaat om een beeldspraak voor het geven van onderricht.
Het eerste draaien van het Dharmawiel
Het eerste onderricht van de Boeddha wordt traditioneel gezien als het eerste draaien van het Dharmawiel.
Het onderwerp van dit onderricht was niet een abstract filosofisch systeem. De Boeddha begon met een praktisch probleem: het menselijk leven kent dukkha, en er is een oorzaak van die onbevredigendheid. Vervolgens beschreef hij de mogelijkheid om daar een einde aan te maken en de weg die daarheen leidt.
Dit werd later bekend als de Vier Edele Waarheden:
- de waarheid van dukkha;
- de waarheid van het ontstaan van dukkha;
- de waarheid van het beëindigen van dukkha;
- de waarheid van de weg die naar het beëindigen van dukkha leidt.
Die vierde waarheid wordt in de Dhammacakkappavattana Sutta verbonden met de Nobele Achtvoudige Weg: juist inzicht, juiste intentie, juiste spraak, juist handelen, juist levensonderhoud, juiste inspanning, juiste opmerkzaamheid en juiste concentratie.
Daarom is er een sterke verbinding tussen het Dharmawiel en de Achtvoudige Weg.
Waarom heeft het Dharmawiel acht spaken?
De meest bekende versie van het Dharmawiel heeft acht spaken. Deze worden tegenwoordig meestal verbonden met de acht onderdelen van de Nobele Achtvoudige Weg.
De acht zijn:
- juist inzicht;
- juiste intentie;
- juiste spraak;
- juist handelen;
- juist levensonderhoud;
- juiste inspanning;
- juiste opmerkzaamheid;
- juiste concentratie.
Het is belangrijk om hierbij een nuance te maken. Het is verleidelijk om te denken dat ieder Dharmawiel in de geschiedenis altijd precies acht spaken had en dat de acht-spakige vorm vanaf het begin rechtstreeks bedoeld was als afbeelding van de Achtvoudige Weg. Dat beeld is waarschijnlijk te eenvoudig.
Historische boeddhistische afbeeldingen laten namelijk verschillende soorten wielen zien. Er bestaan Dharmawielen met verschillende aantallen spaken. Ook het bekende wiel van de Indiase keizer Ashoka heeft 24 spaken.
De koppeling tussen acht spaken en de Achtvoudige Weg is wel een belangrijke en gevestigde interpretatie, vooral in latere boeddhistische beeldtradities. In sommige historische en moderne afbeeldingen wordt de acht-spakige vorm heel bewust op deze manier uitgelegd.
De acht spaken kun je bovendien zien als een mooie herinnering dat de Achtvoudige Weg geen reeks losse regels is. De verschillende onderdelen ondersteunen elkaar en vormen samen één weg van beoefening.
Zijn de spaken, de naaf en de rand ook symbolisch?
Daar bestaat geen universele uitleg voor.
In moderne uitleg van het Dharmawiel krijgen de verschillende onderdelen soms aanvullende betekenissen. De acht spaken kunnen bijvoorbeeld de Achtvoudige Weg voorstellen. Andere interpretaties verbinden de onderdelen van het wiel met verschillende aspecten van de boeddhistische beoefening.
Toch moet je voorzichtig zijn met de bewering dat iedere boeddhistische traditie dezelfde betekenis aan de naaf, spaken en rand geeft. Daarvoor is de boeddhistische beeldtraditie te gevarieerd.
Wat veel duidelijker en historisch beter onderbouwd is, is de algemene betekenis van het wiel als symbool voor de Dharma en het onderricht van de Boeddha. Het Metropolitan Museum of Art beschrijft het wiel bijvoorbeeld als een belangrijke metafoor voor de leer van de Boeddha en laat zien hoe het al vroeg in de boeddhistische kunst werd gebruikt.
Waar komt het Dharmawiel vandaan?
Het wiel is ouder dan het boeddhisme als symbool. In het oude India had het wiel al verschillende betekenissen, waaronder politieke en religieuze betekenissen.
Een belangrijk voorbeeld is de cakravartin, de “wielwentelende” of universele vorst. In boeddhistische teksten is dit de ideale heerser die volgens Dharma regeert. Het wiel verwees daarbij naar macht die zich als het ware in alle richtingen kon voortbewegen.
Het boeddhisme nam deze bestaande beeldspraak over en gaf er een nieuwe, spirituele betekenis aan.
De Boeddha wordt hierdoor op een bepaalde manier tegenover de cakravartin geplaatst. Een wereldlijke vorst kan volgens het ideaal van de cakravartin zijn rijk door rechtvaardig bestuur beïnvloeden. De Boeddha “draait” echter het wiel van de Dharma: hij brengt geen wereldrijk tot stand, maar brengt een leer in beweging die mensen naar bevrijding moet leiden.
Die combinatie van koningschap, wiel en Dharma is al vroeg zichtbaar in de ontwikkeling van de boeddhistische beeldtaal.
Het Dharmawiel in de vroege boeddhistische kunst
Een bijzonder interessant aspect van het Dharmawiel is dat het in vroege boeddhistische kunst soms de plaats van een afbeelding van de Boeddha zelf innam.
In de eerste eeuwen van de boeddhistische beeldtraditie werd de Boeddha in bepaalde contexten niet als menselijke figuur afgebeeld. In plaats daarvan konden symbolen worden gebruikt om zijn aanwezigheid of een gebeurtenis uit zijn leven aan te duiden.
Zo kon een lege troon verwijzen naar zijn ontwaken, voetafdrukken naar de Boeddha, een stoepa naar zijn overlijden en het Dharmawiel naar zijn eerste onderricht. Het wiel werd daarmee dus niet alleen een symbool van een abstracte leer, maar kon rechtstreeks naar de Boeddha en zijn eerste preek verwijzen.
Een mooi voorbeeld komt uit Bharhut. Daar is een reliëf bekend waarop een Dharmawiel wordt vereerd. Het dateert uit ongeveer 150–100 v.Chr. en behoort daarmee tot een zeer vroege periode van de boeddhistische kunst.
Ook in de kunst van Amaravati werd het wiel gebruikt in voorstellingen van het eerste onderricht. Een reliëf uit ongeveer 200–240 n.Chr. toont bijvoorbeeld een Dharmawiel boven een lege troon, met voetafdrukken en herten eromheen.
De combinatie van wiel en herten is daarbij niet toevallig. Het hertenpark van Isipatana was volgens de boeddhistische traditie de plaats waar de Boeddha zijn eerste onderricht gaf.
Het Dharmawiel en de herten
Daarom zie je in boeddhistische kunst regelmatig twee herten aan weerszijden van een Dharmawiel.
De herten verwijzen naar het hertenpark waar de eerste preek van de Boeddha volgens de traditie plaatsvond. Het wiel verwijst naar het onderricht dat daar werd gegeven.
De combinatie is daardoor bijna een visuele zin:
De Boeddha zette het Dharmawiel in beweging in het hertenpark.
Een vroeg voorbeeld hiervan is te vinden in de collectie van het British Museum: een boeddhistische zegel uit Nalanda uit de 9e of 10e eeuw toont een Dharmawiel tussen twee herten.
Wat heeft het Dharmawiel met de Vier Edele Waarheden te maken?
Het Dharmawiel wordt vaak vooral met de Achtvoudige Weg verbonden, maar de Vier Edele Waarheden zijn minstens zo belangrijk.
In de eerste preek van de Boeddha vormen de Vier Edele Waarheden en de Achtvoudige Weg één geheel. De Boeddha presenteert eerst het probleem van dukkha, vervolgens de oorzaak en het einde ervan, en daarna de weg die naar dat einde leidt.
Het wiel kan daarom worden opgevat als een symbool voor de hele Dharma, en niet alleen voor de Achtvoudige Weg.
Dat verklaart ook waarom het te beperkt is om te zeggen: “Het Dharmawiel betekent de Achtvoudige Weg.” Dat is een belangrijke betekenis van de acht-spakige vorm, maar het symbool heeft een bredere geschiedenis.
Verschillende soorten Dharmawielen
Niet ieder boeddhistisch wiel ziet er hetzelfde uit.
Er zijn bijvoorbeeld wielen met acht, twaalf, 24 of andere aantallen spaken. In verschillende contexten kunnen die aantallen verschillende symbolische betekenissen krijgen. Het 24-spakige wiel van Ashoka is daar een bekend voorbeeld van.
Ook in de verschillende boeddhistische tradities heeft het wiel zich op verschillende manieren ontwikkeld.
In Tibetaanse en andere Vajrayana-tradities is het Dharmawiel een belangrijk onderdeel van de religieuze beeldtaal. In Japan werd het bijvoorbeeld onderdeel van rituele objecten binnen esoterische boeddhistische tradities. Een Japans bronzen Dharmawiel uit de late 13e eeuw in het Metropolitan Museum heeft acht spaken en verbindt deze expliciet met de Achtvoudige Weg.
Het symbool is daarmee door de eeuwen heen niet verdwenen, maar juist steeds opnieuw geïnterpreteerd.
Het Dharmawiel in Theravada, Mahayana en Vajrayana
Het Dharmawiel behoort niet exclusief toe aan één boeddhistische stroming.
Het komt voor in Theravada, Mahayana en Vajrayana. De precieze beeldtaal en de aanvullende symbolische betekenissen kunnen wel verschillen.
In Theravada is de verbinding met het Dhammacakkappavattana Sutta en het eerste onderricht bijzonder belangrijk. De Pali-vorm dhamma-cakka sluit rechtstreeks aan bij de taal van de vroege teksten.
In Mahayana-tradities bleef het wiel eveneens een symbool voor de leer van de Boeddha. Tegelijkertijd ontwikkelden zich daar uitgebreidere ideeën over verschillende “draaiingen” van het Dharmawiel. Sommige Mahayana-tradities spreken bijvoorbeeld over verschillende fasen of niveaus van het onderricht van de Boeddha.
In Vajrayana kreeg het wiel daarnaast een plaats in complexe rituele en iconografische systemen. Het kan daar bijvoorbeeld samen voorkomen met andere symbolen en rituele voorwerpen.
Het is daarom beter om te spreken over een gedeeld boeddhistisch symbool met verschillende tradities en interpretaties, dan over één vaste betekenis die overal exact hetzelfde is.
Het Dharmawiel is niet hetzelfde als het Wiel van het Leven
Een veelvoorkomende verwarring is die tussen het Dharmawiel en het Wiel van het Leven.
Ze zien er allebei uit als een wiel, maar ze verwijzen naar iets anders.
Het Dharmawiel (dharmachakra) staat voor de Dharma en het onderricht van de Boeddha.
Het Wiel van het Leven (bhavachakra) beeldt juist de cyclus van samsara uit: het steeds opnieuw ontstaan en vergaan binnen het bestaan, onder invloed van onwetendheid, begeerte en karma.
Dat tweede wiel is meestal veel complexer en bevat verschillende lagen, zoals de zes bestaanswerelden en de twaalf schakels van afhankelijk ontstaan.
Het feit dat beide een wiel zijn, is niet vreemd. Het beeld van een cirkelende beweging past goed bij verschillende boeddhistische ideeën over oorzaak, gevolg, ontstaan, vergaan en het steeds opnieuw voortzetten van processen. Maar de twee symbolen moet je inhoudelijk niet door elkaar halen.
Wat betekent het Dharmawiel vandaag?
Voor iemand die vandaag het boeddhisme beoefent, kan het Dharmawiel een herinnering zijn aan iets vrij eenvoudigs: de Dharma is bedoeld om beoefend te worden.
Het wiel is niet alleen een logo voor het boeddhisme. Het verwijst naar een leer die volgens de boeddhistische tradities in beweging moet komen in het leven van mensen.
Dat past goed bij de manier waarop de Boeddha zijn leer presenteerde. De Achtvoudige Weg bestaat bijvoorbeeld uit aspecten van inzicht, gedrag en mentale beoefening. Het gaat dus niet alleen om het aannemen van bepaalde ideeën.
Een interessant detail is dat de acht onderdelen van de Achtvoudige Weg ook niet goed begrepen worden als acht volledig losse stappen die je één voor één afwerkt. De verschillende factoren beïnvloeden elkaar en worden samen ontwikkeld. Het beeld van een wiel kan juist helpen om dat te begrijpen: een wiel functioneert doordat de verschillende onderdelen samen één geheel vormen.
Is het Dharmawiel een religieus symbool?
Ja. Het Dharmawiel is een religieus symbool binnen het boeddhisme, maar het heeft ook een historische en culturele betekenis gekregen.
Het wordt gebruikt in tempels, religieuze kunst, rituele voorwerpen en afbeeldingen. Daarnaast is het tegenwoordig ook buiten religieuze contexten herkenbaar als algemeen symbool voor het boeddhisme.
Daarbij is het goed om te onthouden dat een modern logo of een moderne afbeelding van een acht-spakig wiel niet automatisch een exacte weergave is van hoe het wiel er in het oude India uitzag. De huidige standaardvorm is het resultaat van een lange ontwikkeling van boeddhistische beeldtaal.
Een symbool dat letterlijk in beweging is
Misschien is dat uiteindelijk wel het interessantste aan het Dharmawiel.
Een wiel staat niet stil in zijn oorspronkelijke betekenis. Het rolt. Het beweegt vooruit. En precies dat maakt het zo geschikt als beeld voor de Dharma.
In de Dhammacakkappavattana Sutta wordt het onderricht van de Boeddha beschreven als een wiel dat in beweging wordt gezet. Daarna wordt het onderricht doorgegeven van leraar naar leerling en van generatie op generatie.
Het Dharmawiel verwijst daarmee tegelijk naar een gebeurtenis uit het leven van de Boeddha, naar zijn leer en naar de verspreiding van die leer.
De acht-spakige versie voegt daar een duidelijke verwijzing naar de Nobele Achtvoudige Weg aan toe. Maar de geschiedenis van het symbool laat zien dat het wiel breder is dan alleen die acht spaken. Al in de vroege boeddhistische kunst kon het wiel de Boeddha zelf, zijn eerste onderricht en de Dharma als geheel aanduiden.
Wie het Dharmawiel ziet, kijkt dus naar meer dan een eenvoudig religieus teken. Het is een beeld van onderricht dat in beweging wordt gebracht en wordt doorgegeven, met de Dharma als richting.